Het Wilde Oog

Informatie: Inge van Run 024 - 3223871
Email: lemmerman24@casema.nl
Website: www.hetwildeoog.nl


2011

foto’s: Wout Nooitgedacht

Diva’s van Spakenburg

Uit de Gelderlander Online van 14 januari 2011 Foto's: Wout Nooitgedacht

Corrie, Hendrikje en Wijmpje. Dames op leeftijd die nog altijd in klederdracht lopen. Kunstatelier Het Wilde Oog geeft ze al tien jaar een kunstzinnig tweede leven.
Witte kapjes en geplisseerde rokken. Alles aan Corrie, Hendrikje en Wijmpje Koelewijn uit Spakenburg straalt traditie uit. Maar sinds theatermakers Hans Lemmerman en Inge van Run vanaf 2000 fotoseries met de drie maken heeft het leven van de ( schoon) zussen een artistieke dimensie gekregen. Momenteel portretteren ze de 'Koelewijntjes' in Gelderse steden. Nijmegen heeft de primeur. Op typisch Nijmeegse plekken als het centraal station, het Labyrint aan de Waalkade staan de dames onverstoorbaar zichzelf te zijn.
Op de foto's bij Museum Het Valkhof is het contrast compleet: strakke lijnen versus de traditionele verschijning van Corrie, Wijmpje en Hendrikje.
Lemmerman en Van Run kennen elkaar van de Nijmeegse amateurtheaterschool, waar ze les gaven. Ze vonden elkaar in de 'drift om te creëren'. "De ultieme vrijheid: kunst maken", vindt Lemmerman. De twee richtten kunstatelier Het Wilde Oog op.
Woonachtig in Amersfoort betrekt Lemmerman de drie dames van het nabijgelegen Spakenburg - vissersdorp aan de voormalige Zuiderzee - bij een theaterproject over de verschillen tussen Suriname en Nederland.
Kort daarna komt hij de opvallende verschijningen in klederdracht weer tegen: het is de geboorte van een langdurige samenwerking. "Inge en ik wisten het meteen: deze vrouwen zijn een bron!" En zo ontstonden maandelijkse fotosessies ergens in het land.
De theatermakers bedachten de setting, verzamelden attributen en gaven de vrouwen een opdracht.
Een fotograaf vereeuwigde het resultaat. "Slechts 200 vrouwen in Spakenburg lopen nog in klederdracht. Wij willen het onherroepelijke einde van de kledingdraagsters vastleggen als tijdsdocument. Daarbij willen we een draai geven aan het traditionele beeld dat mensen hebben van deze vrouwen."
En zo worden de dames geportretteerd bij moderne kunstwerken en bekende gebouwen.
Maar het blijft niet bij foto's, er komen ook films en live-optredens.
Zoals in de foyer van de Arnhemse schouwburg. De vrouwen waren hun rokken aan het plisseren, ondertussen stelde een mimespeler hen vragen. Lemmerman: " De antwoorden zijn zo eerlijk. ' Met wie zou u eens in een speelfilm willen spelen?', werd aan Wijmpje gevraagd. Ze zei: 'Mag ik het echt zeggen? Richard Gere!' Zo oprecht en verrassend."
In Spakenburg zijn de reacties niet altijd postief, het past immers niet bij het christelijke en traditionele milieu. Maar de dames hebben altijd hun poot stijf gehouden. Ze doen het immers 'voor de kunst'. Diva's, zo noemen de theatermakers hun Spakenburgse 'sterren'. "Inmiddels durven ze steeds meer, dat is heel mooi om te zien. Zo droegen ze in Nijmegen een roze kraplap (schouderklep, FW), als beeldend element en inhoudelijk statement, verwijzend naar Nijmegen als krakers- en homostad. Dat hadden ze tien jaar geleden niet gedaan. Maar we vertrouwen elkaar, kennen elkaar door en door", vertelt Van Run.
De dames zijn bejaard maar kunnen nog wel even mee, bovendien: " Zoals Corrie zei: ' De dokter vindt Het Wilde Oog goed voor me", lachen Lemmerman en Van Run.
Daarbij hebben de theatermakers nog voldoende ideeën met het drietal. Zo gaan ze binnenkort in Enschede op het station Twents erfgoed fotograferen. Lemmerman: "Erfgoed eigentijds verbeelden, dat is wat we doen. Die combinatie levert eindeloos veel inspiratie op, bij ons, maar ook bij de diva's. Zij zijn wel in voor een uitdaging: van klederdrachtdraagsters tot heuse performers!"

In Galerie Bart Kunst in Huis (Ziekerstraat 87, Nijmegen) zijn van 22 januari tot 19 maart foto's en films van de Spakenburgse diva's te zien, waaronder de Nijmeegse ' beeldmonumenten'. Daarna gaat de expo naar het Canisius- Wilhelmina Ziekenhuis.

2008

Absurdistische speurtocht naar leven en dood

Het Wilde Oog gebruikt foto, film, vorm en taal om kunst te maken.

Door Jaap Bak
NIJMEGEN - Het wordt een kast van karton. De deuren staan op een kier en in de kast staat een voorwerp. Maar er hangen ook foto's aangedragen. Zij studeerde af als theaterdocent en maakte een scriptie waarin de plotselinge dood van haar vader een belangrijke rol speelt.
Voor het project is Het Wilde Oog op zoek naar koppels. Naar vaders en dochters, van wie de vader stervende is. "In de kast zijn filmpjes te zien van Noa en haar vader. Want haar vader was documentairemaker. Maar het zijn geen docu's, maar typische familiefilmpjes." Daarmee wordt een beeld geschetst van twee generaties.
Er is een proef gedaan met drie mannen die samen met Noa vijftien uiteenlopende opdrachtjes moesten uitvoeren. Dat proces is gefilmd. De opdrachten verschilden van het voorlezen van korte teksten tot het inspreken van een in, gedichten en er zijn filmpjes te zien. Van vaders en hun dochters.
De kast is een ontwerp van Couzijn van Leeuwen, kunstenaar te Amersfoort. De kast vormt de spil van het project Op een zaterdag wek ik mijn vader tot leven, van Stichting Het Wilde Oog, een kunstenaarsinitiatief.
Dit initiatief staat borg voor interdisciplinaire kunst. Het Wilde Oog kreeg enige jaren geleden landelijke en internationale bekendheid met het fotoproject van Spakenburgse vrouwen en hun traditionele dracht. Nu is Het Wilde Oog bezig met een speciaal project waarin film, foto's, taal en vormgeving met elkaar gecombineerd worden. Die combinatie wordt gebruikt om het verhaal van vaders en hun dochters te vertellen. Een emotioneel verhaal over de relatie tussen twee generaties. De vader in dit verhaal bevindt zich namelijk in zijn laatste levensfase, hij is stervende.
"Dat kan zijn omdat hij een therminale ziekte heeft of omdat hij gewoon oud is", leggen Inge van Run en Hans Lemmerman van Het Wilde Oog uit.
Beiden zijn dramaturg, geven les aan de kunstacademie ArtEZ in Arnhem en hebben dit project bedacht. Een idee dat door ArtEZ- studente Noa Verhofstad is antwoordapparaat van de vader van Noa. Het leverde verrassende, emotionele, ontroerende scènes op. "Want de opdracht aan deze drie mannen was: 'Wat schenk je mijn vader'. Noa kende de mannen niet. De mannen kenden Noa niet, maar door die opdrachten ontstond er iets waarbij je dacht wauw, dit is goed." De gefilmde proef wordt teruggebracht tot tien minuten en is in de Kast te zien.
Inge en Hans willen met de toekomstige koppels hetzelfde doen. "We filmen echter niets, dat ze niet zelf willen. De vaders en dochters hebben inspraak in alles. En als ze iets niet willen. Dan komt dat ook niet in de film."

De kunstinstallatie Op een zaterdag wek ik mijn vader tot leven is vanaf voorjaar 2009 te zien in het Provinciehuis in Arnhem. Daarna gaat het op reis naar diverse locaties.
Koppels (vaders en dochters) kunnen zich in december aanmelden via Inge van Run. Emailadres: ingevanrun@versatel.nl
Kandidaten worden in januari opgeroepen voor een interview en het uitvoeren van opdrachten. Dat neemt niet meer dan een dagdeel in beslag.


Het Wilde Oog in Bart Kunst in Huis

Uit de Gelderlander Online van 9 febrari 2008

Foto: Gijs Haak / Het Wilde Oog
Twee projecten van Theateratelier HetWilde Oog zijn van vandaag tot en met 5 april te zien in galerie Bart Kunst in Huis in de Nijmeegse Ziekerstraat. Het gaat om ' Spakenburg Fashion' en 'Ootjies Tas'.
In opdracht van HetWilde Oog ontwierpen de kostuumvormgevers Dorien de Jonge en Yukie Hashimoto Spakenburgse streetware.
Mode geïnspireerd op de Spakenburgse klederdracht: Spakenburg Fashion.
Acht jongeren uit het dorp Spakenburg zijn de modellen. In Bart Kunst in Huis hangen de foto's: "En dan zie je dat de klederdracht ook na de oudere generatie door zou kunnen leven."
"Met Spakenburg Fashion enten we de jongeren min of meer in met hun eigen culturele erfgoed. Iets waarvoor ze eigenlijk geen aandacht hebben, de klederdracht van hun voorouders, wordt toch interessant. De jongeren vinden de mode van Spakenburg Fashion namelijk mooi", zegt Inge van Run van HetWilde Oog.
De andere expositie, 'Ootjies Tas', draait om Spakenburgse beugeltasjes. Ootjie betekent 'oma'. Ontwerper Lotte van Laatum bedacht voor HetWilde Oog drie nieuwe Spakenburgse tassen, speciaal voor de rouwperiode. "De rouw is erg belangrijk in de klederdracht, maar kwam niet herkenbaar terug in de reeds bestaande beugeltasjes." Van Laatum ontwierp een tas voor elk van de drie rouwfases. Veertien Spakenburgse vrouwen breiden samen achttien tassen. "En ook dat zijn weer reuze hippe dingen geworden."
Die tassen plus typischeWilde Oog-foto's van tasbreiende of tasdragende vrouwen zijn in galerie Bart Kunst in Huis te zien.
Ook zijn er uitspraken te lezen van de vrouwen zelf.

Spakenburgse diva's voor eeuwig gevangen

Uit de Gelderlander Online van 9 febrari 2008

Foto: Gijs Haak / Het Wilde Oog
Hans Lemmerman en Inge van Run van Het Wilde Oog.
Componisten met stof, dat zijn ze, de vrouwen uit Spakenburg die van kindsbeen af in klederdracht gaan. Theateratelier Het Wilde Oog maakt sinds jaren gebruik van hun diensten, voor foto's, voorstellingen of andere producties
De 71-jarige Hendrikje is de onbetwiste leider van het trio. Een vrouw van de wereld en een componist met stof. Net als haar schoonzusWijmpje ( 68) en zus Corrie (84), beter bekend als de dames Koelewijn uit Spakenburg. Nog net naakt geboren, daarna voor eeuwig in klederdracht. De zelfgemaakte 'dracht' gaat nooit uit.
"De vrouwen zijn een energiebron uit het verleden", zegt Hans Lemmerman.
"Zij zijn onze Spakenburgse diva's", glimlacht Inge van Run.
De Spakenburgse vrouwen en hun klederdracht spelen al jaren de hoofdrol in allerlei projecten van HetWilde Oog, het zelfbenoemd 'theateratelier' van Amersfoortse Hans en Nijmeegse Inge. Simpel gezegd: "We ensceneren ontmoetingen tussen gewone mensen en het kunstzinnige. En dat leggen we vast in foto's, performances, documentaires. Noem maar op."
Het was Hans die in 2000 als eerste kennismaakte met de dames Koelewijn uit Spakenburg. Hij wist hen te strikken voor een theatervoorstelling. "Maar ik wist meteen: dit, deze vrouwen en hun klederdracht, is te mooi om het bij een keer te laten. Zet je hen op een braderie, dan vallen ze niet op. Maar plaats je ze voor een Rietveld- pand of doe je goudfolie om hun hoofd, dan gebeurt er iets.
HetWilde Oog vervreemdt de klederdracht van zijn omgeving. De vrouwen worden opeens sprookjesfiguren of ze blijken prima te passen in de beeldtaal van architecten als Gerrit Rietveld."
Van Run en Lemmerman bedachten de afgelopen jaren performances, voorstellingen en fotosessies met de drie vrouwen. Die reeks kende een voorzichtige start. "We wilden niet te hard van stapel lopen. We moesten vertrouwen opbouwen. Spakenburg is een gesloten gemeenschap. Onze diva's zijn geworteld in een traditie én toch met hun tijd meegegaan. Ze zijn vrijgevochten en feministisch.
Neemt niet weg dat ze niet in hun eigen dorp willen optreden. De druk van de gemeenschap blijft groot", vertelt Inge.
Inmiddels is het wederzijds respect volgens de twee kunstenaars groot. En in de loop der jaren kon HetWilde Oog, uiteraard door bemiddeling van de diva's, over steeds meer Spakenburgse vrouwen beschikken. Maar nog steeds stelt niet iedereen in Spakenburg het op prijs wat HetWilde Oog allemaal uitspookt met het dorp en de vrouwen. Het is ook gewaagd: Spakenburgsen als moslima's verkleed of, iets minder stoutmoedig, overgooiend met een Delftsblauwe pot. Lemmerman: "Maar de dames Koelewijn blijven dicht bij zichzelf. Laten zich niets voorschrijven. Hendrikje zegt: ' Ik doe wat ik wil'. Knap, hè?"
Buiten het zicht van de rechtlijnigen genieten de vrouwen zichtbaar van de samenwerking met HetWilde Oog. "Maar we zorgen ook goed voor ze", lacht Inge. "Tijdens een fotosessie leggen we de vrouwen in de watten. Met lekker eten, bijvoorbeeld. Soms bellen ze Hans op en zeggen 'Hé Lemmerman, wanneer gaan we weer iets doen?'" Beide partijen zijn trots op wat ze tot nu toe bereikt hebben. Zo legden Hendrikje, Wijmpje en Corrie en plein public een veld van 'kraplappen' van hun overleden dorpsgenoten. Kraplappen zijn de gesteven katoenen lappen om de schouders van de Spakenburgse vrouwen. De allerlaatste kraplap die ze in dat veld legden, was die van henzelf.
Inge: "Deze voorstelling heeft me erg geraakt. Het is de kroon op ons werk. Normaal gesproken doen de vrouwen de kraplappen alleen af in hun eigen slaapkamer.
Nu deden ze dat voor publiek. Ze kleedden zich symbolisch uit."
Hans: "En je voelde die symboliek. De vrouwen zijn de laatste der Mohikanen. Ze dragen alleen maar hun zelfgemaakte kostuums. Het is nooit anders. Als zij dood zijn, dan houdt het op met de Spakenburger klederdracht. Niemand kan het na hen maken noch dragen.
Dat is dramatisch."
Spakenburgse jongeren interesseren zich niet voor de klederdracht van hun voorvaderen. Ze leren het ambacht ook niet meer. Dat maakt HetWilde Oog ongewild tot hoeder, en misschien wel meer, van het Spakenburgs cultureel erfgoed. "In een kunstzinnige context", voegt Hans Lemmerman toe. Ze kunnen nog ver vooruit met dat erfgoed. Hij en Inge van Run bruisen naar eigen zeggen van de ideeën. "Wist je dat de vrouwen altijd korte mouwen hebben? En je kunt aan de kleding zien of ze uit of in de rouw zijn. Och, er zijn zoveel mogelijkheden."
De vrouwen moeten mede daarom eigenlijk nog wel een tijdje mee. Maar het wordt moeilijk. De kunstenaars zien Corrie met de dag ouder worden. Dat doet pijn.
Hans Lemmerman bezoekt de vrouwen praktisch elke week. Niet uit eigen belang, maar gewoon omdat het gezellig is. "We lachen wat af. Natuurlijk praten we ook over de klederdracht. Ze zijn trots op hun kleden. En dat willen ze uiten. Wijmpjes man geeft bijvoorbeeld niets om haar kleren. Als ze daarover klaagt, zegt hij altijd: ach, je hebt Lemmerman toch."
'De dames Koelewijn laten zich niets voorschrijven. Ze doen wat ze zelf willen'

2003

Bloemen op de bruidsjurk rakelen gemoederen op

Uit de Gelderlander Online van 22082003

Door JEROEN SCHWARTZ
De ellebogen van de vrouwen stoten tegen elkaar bij het vouwen en knippen. Jürgen Brucker tovert het Spakenburgse tweetal taart voor, Schwarzwalder Kirschtorte. Een Oud-Hollands zeemanslied, een primitieve smartlap, klinkt. De vrouwen, de dames Koelewijn, ontroeren met een museaal relaas over hun klederdracht.
Oud is actueel in de Mariënburg-kapel in Nijmegen. Oud wordt modern, levendig. In de voorstelling Jet, Job en Jürgen 3 van het Nijmeegse theateratelier Het Wilde Oog blijft niets op de plaats. De acteurs niet (professioneel en niet-professioneel), decorstukken en toeschouwers niet. Het kan niet anders of je verbeelding slaat op hol. Jet, Job en Jürgen 3 is een zinneprikkelende voorstelling om te lachen, en te fantaseren. Onmogelijk om na te vertellen ook. Zo slaan zelfs beide standvastige Spakenburgers aan het experimenteren met hoofddeksels: hedendaagse hoedenkunst van Tiny Meihuizen. Op deftige zitmeubelen kijken de twee senioren uit het vissersdorp mét het bezoek in een bioscoopje naar de vier televisieschermen, waarop de statige hoofdrolspelers passen en poseren. De kostuums blijken hip. Van kleinsaf dragen de Spakenburger vrouwen traditionele kledij. Dag in, dag uit. Vroeger althans. Zoals toen, in de jaren veertig van de vorige eeuw, wordt het nooit meer. Één op de drie Spakenburgse vrouwen kleedde zich in de jurken.
Nu wagen jongelingen zich zelden in de klederdracht. Alleen met de Spakenburgse feesten. Jammer, vinden de dames. Meer zeldzame kledij: bruidsjurken. Échte kostuums van Gelderse vrouwen. Gedragen en uitgetrokken. Weggestopt om te bewaren of te vergeten, maar in de voorstelling tot leven gewekt door bloemen. De viooltjes, lelietjes-van-dalen en de vergeet-mij-niet (hét boeket van toen, van '66) walsen over de witte stof.
Uit de kast: de nieuwe kleuren en geuren rakelen de gemoederen van een ooit gevierde bruiloft op. Een sluier raakte aan de bruidstafel verbrand. De bruidsfoto werd verpest. De bijpassende stropdas van het pak bleek onvindbaar. Eén van de dames Koelewijn toont haar bruidsjurk. Een pikzwarte met bloemetjesmotief. Een klederdrachtjurk. Hetzelfde jack had haar oma op haar bruiloft gedragen.
Jürgen uit Beieren, op reis door Europa en de wandelende leidraad van de voorstelling, slaat aan het dansen.
Hij huppelt met een bidstoel vol koekoeksklokken uit zijn geboortestreek op zijn rug. Zijn voorvaderen deden het. Lopend moesten de klokkendragers hun waar slijten. Een vader noch moeder heeft hij meegebracht naar het nu, alleen zijn naam en de tijd van toen.

Gezien: Jet, Job en Jürgen 3 van Het Wilde Oog, gisteren. Nog te zien: morgen en overmorgen, telkens om 13, 14.30 en 16.00 uur in de Mariënburg-kapel aan het Mariënburg in Nijmegen. Entree € 5. Zie ook www.hetwildeoog.nl

Zwarte Woud in Gelderland

Uit de Gelderlander Online van 07082003

Door DORINE STEENBERGEN
NIJMEGEN - Men neme 27 Gelderse bruidsjurken, acht koekoeksklokken uit het Zwarte Woud, drie Spakenburgse dames van 65 - plus in klederdracht en hussele dit alles stevig door elkaar. Het resultaat is een theatrale documentaire, te zien als een culturele ontmoeting tussen toen en nu.
Ze heet Ans en ze komt uit het Nijmeegse Willemskwartier. Ze trouwde in 1961, daags na Pasen, met een flatje in het vooruitzicht.
Plaats van de huwelijkssluiting was de Fatimakerk in de Thijmstraat die is inmiddels afgebroken. Haar trouwjurk naaide Ans zelf. Van brokaat, de sluier van tule en voorzien van een zogeheten 'prinsessenlijn' dat tekende slank af.
Nijmeegse Ans is een van de Gelderse vrouwen die bereid waren om hun kostbaarste kledingstuk maar één keer gedragen af te staan aan Hans Lemmerman en Inge van Run, theatermakers van Het Wilde Oog.
Op een eerdere oproep in deze krant reageerden maar liefst 27 vrouwen, van jong tot oud. Lemmerman: "Per jurk die ons werd afgestaan, hebben we circa anderhalf uur uitgetrokken om de bruid van destijds haar verhaal te laten doen. Want daar is het ons om begonnen: de trouwjurk als tastbaar verleden, maar ook de herinnering aan die belangrijke dag uit hun leven."
Dat leverde niet uitsluitend roze wolkjes op. De jongste 'bruid' die met haar jurk over de brug kwam, had 'm pas in 1999 gedragen. "Ze is nu gescheiden en ziet het weggeven van de jurk als een streep onder haar huwelijk", aldus Lemmerman.
Lemmerman en Van Run trokken de beeldend kunstenaars Khumaal van Os en Pujari Plattel aan. Tijdens de theatrale documentaire die op 21, 22 en 23 augustus wordt opgevoerd in de Mariënburgkapel in Nijmegen, geven beide kunstenaars aan de verzameling trouwjurken een tweede leven.
Hoe? Dat moet nog even een verrassing blijven, zegt Van Run. Nogal wazig? Zo klinkt het misschien, maar het evenement in de kapel verschaft alle noodzakelijk opheldering, belooft Lemmerman die geheimzinnig spreekt van 'de sociologie van de trouwjurk' die dan uit de doeken zal worden gedaan.
Maar dat is nog niet alles. Want bij de voorstelling die als titel Jet, Job en Jürgen 3 meekreeg, moet ook nog het trio Spakenburgse dames worden opgeteld dat eveneens een brug zal slaan naar een cultureel verleden.
"En naar het heden", zegt Van Run. "Want hun klederdracht mag voor ons misschien gedateerd lijken, zij lopen er nog steeds in rond, elke dag."
Opmerkelijk is verder de man die rondsjouwt met een bidstoel op zijn rug die is vol gehangen met koekoeksklokken.
Koekoeksklokken?? "Ja, koekoeksklokken", beaamt Lemmerman en hij doet even voor hoe collega-theatermaker Jürgen Brucker de voorstelling zal gaan opluisteren. Jürgen komt uit het Zwarte Woud en daar komen de koekoeksklokken weer vandaan. Vandaar dus.
Van Run: "Onze voorstellingen hebben allemaal een sterke biografische basis. Ga maar na: de vrouwen uit Spakenburg, de trouwjurken uit Gelderland en de klokken uit het Zwarte Woud."
Die hele hutspot van erfgoed gaat in de kapel een ontmoeting met elkaar aan. Iedere deelnemer doet z'n eigen verhaal of bezigheid waarbij het woord 'spelen' niet op zijn plaats is omdat iedereen gewoon zichzelf is.
Wie nu de draad al lang kwijt is en zich totaal niets meer kan voorstellen bij het spektakel Jet, Job en Jürgen, moet zeker komen kijken zeggen Van Run en Lemmerman met een brede grijns.
"Want heus, tijdens de voorstelling vallen alle stukjes van de puzzel op hun plaats."

Het Wilde Oog is met Jet, Job en Jürgen 3 op donderdag 21, vrijdag 22 en zaterdag 23 augustus drie maal daags te zien in de Mariënburgkapel aan het Marienburg te Nijmegen. Telkens om 13, 14.30 en 16 uur. Entree € 5.

Zie ook: www.hetwildeoog.nl


2002

Een menselijk archief van Beuys en borduurwerk

Uit de Gelderlander Online van 26042002

Door WERNER BOSSMANN Foto: Theo van Zwam
Inge van Run en Hans Lemmerman: pleitbezorgers van het surrealisme - Foto: Theo van Zwam De theatermakers van Het Wilde Oog boren naar bronnen, naar beelden uit het menselijk archief. Hoe Joseph Beuys in Spakenburg komt.
Het surrealisme is onder ons. Hans Lemmerman en Inge van Run van theateratelier Het Wilde Oog vonden een soort negatief straattheater uit, met hun project 'Surrealistische theaterportretten'. De theatrale ensceneringen in Nijmeegse kelders zijn nu vervat in Dit hier is geen boek, een boek, dat een handboek voor theatermakers wil zijn.
Wat nu het eigenlijke kunstwerk is, het boek of de ruim vijftig eenmalige soloperformances die niemand heeft gezien? Hans Lemmerman (Wageningen) wil die vraag liever open laten. Inge van Run (Nijmegen): "Het was een groot theaterexperiment, daar in die middeleeuwse Nijmeegse kelders. Dat was het kunstwerk, dat we daar ongestoord proeven konden doen, terwijl bovengronds mensen hun zaterdagse boodschappen deden."
Een voorbeeld uit het boek, een performance met de titel Het opgerold geheugen. Doel is 'het doordringen tot de lichaamstaal van een dementerende oudere. Het bewegingsidioom onderzoeken van een mens in verval. Dit bewegingsidioom imiteren en transformeren naar jouw eigen lijf en biografisch geheugen.' Hulpmiddelen voor de spelers: 'eigeel, schoenpoets, biet, tandpasta.'
Vijf vrouwen en drie mannen tussen 18 en 79 jaar werden met dergelijke opdrachten geconfronteerd, Marlies Lutke Schipperholt en Sander Wijgerse maakten er soms schokkende foto's van.
Lemmerman en Van Run willen met deze methode menselijke archieven aanboren, inwendige laboratoria in werking stellen. "Onze spelers moesten in dialoog met het surrealisme", zegt Lemmerman. "We haalden een sluier weg door onder de grond, in de volle stilte, theater te bedrijven."
Dat was vaak confronterend voor de spelers die zich in de koude kelders spontaan begonnen in te wrijven met eigeel, in maden te graaien of hun lichaam met vis bedekten, of hun herinneringen onder woorden brachten, soms ongevraagd verhalen begonnen te vertellen.
"De beerput mocht open", zegt Lemmerman, al was er in de zomer van 2000 geen tijd voor reflectie of nazorg. De ruim vijftig theaterportretten werden op tien zaterdagen in hoog tempo uitgevoerd en vastgelegd: Theater van Het Wilde Oog is geen groepstherapie.
"Ik was soms wel jaloers op de spelers", zegt Van Run. "Jaloers op de mogelijkheid tot onderdompeling die onze spelers kregen, de kans om in een sfeer van vertrouwen open en kwetsbaar te zijn. En niemand die vraagt waarom je iets doet. De surrealistische gelaagdheid zat in de opdrachten. "
Die opdrachten luidden bijvoorbeeld: kom met tien voorwerpen uit de groentenwinkel die in je hand passen of twee die groter zijn dan je hand.
Bijval van Hans Lemmerman: "De analyse, het gezeur over anale fases is niet interessant. De beelden die ontstonden bleven bij de spelers hangen. We zijn met opzet heel dramaturgisch bezig geweest, om ontsporing te voorkomen. Onze taak was het ontlokken van verhalen, het zintuigelijk maken van surrealisme."
Het duurt soms even voordat iets gaat schimmelen: "We leven in een over-geësthetiseerde wereld. De schoonheid van het bederf kennen we niet. Dat we liefdevol dooie muizen hebben beschilderd, zal ik nooit vergeten. Dali hield van vrouwen en koteletten, daarom zette hij ze samen om een schilderij. Die humor moet terugkomen, maar theatermakers denken niet vanuit de verworvenheden van het dadaïsme, maar in theaterproducties." Hier ligt een taak: Het Wilde Oog start dit najaar met workshops.
Een acteur en een autist op een podium samenbrengen deden ze al eens. In kasteel Het Nijenhuis in Heino stonden in maart bij de performance 'Jet, Job & Jürgen' Spakenburger vrouwen en kunstenaars op een podium met mimespeler Jürgen Brucker en beeldend kunstenar Jet Rotmans. Het gedachtengoed van Beuys (versimpeld: wie een aardappel schilt is een kunstenaar) en drie echte Spakenburgers, de dames Koelewijn, ontmoetten elkaar.
"Je hoopt soms op verjaardagen dat er verhalen loskomen, dat mensen over hun leven vertellen. Zo van: mamma, vertel eens."
Het gebeurt maar zelden, daarom ensceneert Het Wilde Oog ontmoetingen. "We willen theater verbinden met echte historie. We hopen zo de vonken en niet de feitjes van het surrealisme met hedendaagse principes te verbinden. Meer dan de context veranderen doen we niet."
Inge: "Omdat deze vrouwen midden in het leven en zich helemaal geven, kun je ze niet belachelijk maken. Als een Jürgen Brucker ze vraagt of ze hun leven een andere draai kunnen geven en ze zeggen nee, dan lacht het publiek. Daar zijn ze mee bezig." Hans: "We verleiden ze ertoe zulke uitspraken te doen."
De performances met de Spakenburgse vrouwen worden vier keer uitgevoerd, najaar 2003 in Het Valkhof in Nijmegen. Daar moet een ontmoeting plaatsvinden tussen de kunstenaars, de Spakenburger vrouwen en een vertegenwoordiging van de Nijmeegse banketbakkers.
"We zijn niet zo snel", geeft Lemmerman toe. "Liever langzaam aan dan jezelf onder dwang herhalen."

Dit hier is geen boek. Surrealistische theaterportretten, door Hans Lemmerman en Inge van Run. ISBN 90-74485-35-9. (024-3223871).

Terug naar het Jaarboek menu



Bezoekers van buiten de Homepage van het SAT: KLIK op logo
Deze pagina is onderdeel van:
www.sat-nijmegen.nl